Reglement

Reglement voor de begraafplaatsen “Orthen” en “Ketsheuvel” te ’s-Hertogenbosch

pdf Download hier het reglement begraafplaats Orthen & Ketsheuvel
Artikel 1 - Definities
  • Algemeen graf: een graf waar begraving plaatsvindt, waarbij de houder van de begraafplaats bepaalt wie er in dat graf begraven wordt. Algemene graven worden niet uitgegeven op de begraafplaats Orthen.
  • Aansluitend begraven: het uitgeven van een grafrecht dat aansluit op het laatst uitgegeven grafrecht in het zelfde vak van dezelfde akker.
  • Aanwijzingskosten: de eenmalige kosten die verschuldigd zijn indien sprake is van vrije grafkeuze.
  • Belanghebbende: natuurlijk persoon die voor zijn/haar eigen belang kan opkomen.
  • Bepaalde tijd: afspraken waarbij het aanvangsmoment en het moment van beëindiging zijn vastgelegd.
  • Bezoeker: iemand die aanwezig is op het terrein van de begraafplaatsen Orthen of Ketsheuvel tijdens de openingstijden.
  • Eeuwigdurend: een periode van 99 jaar.
  • Gemotoriseerd verkeer: auto’s, (brom) fietsen, scooters en andere voertuigen of fietsen die met behulp van motorkracht worden voortbewogen.
  • Meerderjarig natuurlijk persoon: de leeftijd waarop men volgens de wet volwassen is.
  • Onderhoudsbijdrage: bijdrage in onderhoud van park inclusief beschikbaarstelling van de watervoorzieningen op de begraafplaats.
  • Onbepaalde tijd: wanneer er geen einddatum is vastgelegd.
  • Particulier graf een graf waarop een uitsluitend recht gevestigd is, en waarbij de rechthebbende bepaalt wie daarin begraven wordt.
  • Rechthebbende: de persoon aan wie een grafrecht wordt verleend. Als rechthebbende kan optreden:

- een meerderjarig natuurlijk persoon of
- een rechtspersoon;
beide dienen met vermelding van het adres aan het bestuur kenbaar gemaakt te zijn.

  • Reglement: een geschrift, houdende (gedrags-)regels, bestemd om te gelden binnen het functioneren van de stichting.
  • Reserveringskosten: de administratiekosten verschuldigd bij reservering of verlenging van een reservering.
  • Verwijderingsbijdrage: een bijdrage in de kosten, die voor het verwijderen van graven en grafmonumenten door de (voormalige) rechthebbende bij uitgifte van een grafrecht aan het bestuur betaald wordt.
  • Vrije grafkeuze: de mogelijkheid tot het uitkiezen van een specifieke locatie, waarop een grafrecht zal worden uitgegeven, dan wel een specifieke locatie of specifiek vak waarop een reservering wordt gedaan.
  • Wlb: Wet op de lijkbezorging.
artikel 2 - Bestuur
Het bestuur en het beheer van de begraafplaatsen "Orthen" en "Ketsheuvel", respectievelijk gelegen aan de Herven 1 en Ketsheuvel 26 te Orthen in de gemeente 's-Hertogenbosch, berusten bij de Stichting SOLAMEN, gevestigd te 's-Hertogenbosch. Het bestuur van de Stichting (hierna te noemen: “het bestuur”) is gehouden aan de bepalingen van de Stichtingsakte zoals laatstelijk gewijzigd bij akte d.d. 12 november 2009 en -ter zake van het beheer van de begraafplaatsen- bovendien aan de navolgende bepalingen. Alle in dit reglement genoemde rechthebbenden en bezoekers zijn aan dit reglement gebonden.
artikel 3 - Beheerder
  1. Het bestuur benoemt een beheerder. De beheerder is binnen het door het bestuur vastgestelde kader belast met de dagelíjkse leiding en het beheer van de begraafplaatsen.
  2. De beheerder is bevoegd om namens het bestuur:
    1. opdrachten te verlenen, die het beheer van de begraafplaatsen betreffen;
    2. grafrechten te verlenen, dan wel te laten vervallen;
    3. rechten tot gebruik van een urnenplaats in columbaria en urnenzuilen te verlenen, dan wel te laten vervallen;
    4. rechten tot het bijzetten van asbussen in of op een graf te verlenen, dan wel te laten vervallen;
    5. aanwijzingen aan bezoekers te geven over de wijze, waarop zij zich dienen te gedragen op de begraafplaats.
artikel 4 - Indeling van begraafplaats
  1. De begraafplaats "Orthen" is ingedeeld in een Katholiek gedeelte, een Protestants gedeelte en een Algemeen gedeelte, welke gedeelten nader zijn onderverdeeld in akkers en vakken. iedereen kan begraven worden op de locatie die men wil, mits voldaan wordt aan hetgeen in dit reglement en bijbehorende aanhangsels  is vastgelegd omtrent de gekozen locatie op deze begraafplaats Voorts is er een mogelijkheid tot het plaatsen van urnen (hierna ook te noemen asbussen) in de columbaria en urnenzuilen  op de begraafplaats "Orthen".
  2. Het bestuur behoudt zich het recht voor de aanleg en de indeling van de begraafplaatsen, de bestemming van de akkers en het onderscheid in graven alsmede de volgorde van uitgifte van urnenplaatsen in de columbaria en de urnenzuilen vast te stellen en te wijzigen.
artikel 5 - Werkzaamheden aan de graven
  1. Het openen van een graf, het delven en dichten van graven, en het opgraven en herbegraven van stoffelijke resten mag uitsluitend geschieden door personeel van de begraafplaats, of, in opdracht van het bestuur i.c. de beheerder, door derden.
  2. Het bestuur geeft aan hen, die door de rechthebbende zijn belast met de bouw, de aanleg of het onderhoud van de graftekens en/of -beplantingen, de gelegenheid om hun werkzaamheden te verrichten op tijden dat de begraafplaats daarvoor open is. Ze zijn verplicht hierbij de aanwijzingen van de beheerder op te volgen, zoals deze beschreven zijn in het aanhangsel bij dit Reglement
  3. Geen werkzaamheden mogen worden verricht op zon- en feestdagen en tijdens begravingen en diensten in de aula of kapel. Op zaterdagen mogen geen werkzaamheden als hiervoor onder b) vermeld in opdracht van rechthebbenden worden verricht, maar is uitsluitend de grafverzorgíng door de nabestaanden toegelaten.
  4. Private gereedschappen, materialen en hulpmaterialen mogen niet achtergelaten worden op de begraafplaats. De beheerder is bevoegd achtergelaten gereedschappen, materialen en hulpmaterialen te (laten) verwijderen.
artikel 6 - Tarieven
  1. Rechthebbenden zijn verplicht aan het bestuur  de door het bestuur vastgestelde tarieven te betalen voor de grafhuur dan wel als vergoeding voor het gebruik van een urnenplaats in een van de columbaria en urnenzuilen. Voor graven, en urnenplaatsen dienen de rechthebbenden de algemene onderhoudsbijdrage te betalen.
  2. Rechthebbenden zijn verplicht aan het bestuur een bijdrage te betalen voor het verwijderen van grafmonumenten.
  3. Het bestuur stelt jaarlijks voor 1 mei een lijst van noodzakelijke tarieven voor het volgende kalenderjaar vast, voor de in dit artikel bedoelde huur i.v.m. bijvoorbeeld graf en/of columbariumgebruik, kosten voor gebruik van de aula en/of kapel, verwijderings- en onderhoudsbijdrage, kosten verband houdend met het recht tot het plaatsen van een gedenkteken op het graf, kosten tot het openen van graven, suppletiekosten, aanwijzingskosten en  reserveringskosten bij vrije grafkeuze, voor zover dit laatstgenoemde mogelijk is op de begraafplaats Orthen.
  4. Indien bij het beëindigen van de grafrechten de rechthebbende zorgdraagt voor het verwijderen van het grafmonument, zal de bij aanvang van het grafrecht betaalde verwijderingsbijdrage zonder toevoeging van rente e.d. terugbetaald worden aan de rechthebbende.
artikel 7 - Administratie
Het bestuur voert de administratie van de begraafplaats. Het boekjaar van de begraafplaats loopt van 1 januari tot en met 31 december van het betreffende kalenderjaar. In verband met de berekening van de in de tarieflijst vermelde suppletie geldt het volgende:
Grafrechten verleend in het eerste half jaar, worden geacht te zijn verleend per 1 januari daaraan voorafgaand. Grafrechten verleend vanaf 1 juli van het betreffende kalenderjaar, worden geacht te zijn verleend per 1 januari van het daarop volgende kalenderjaar.
artikel 8 - Toegankelijkheid
  1. Het bestuur bepaalt de tijden waarop de begraafplaats voor bezoekers toegankelijk is.
  2. De begraafplaats is voor gemotoriseerd verkeer gesloten. De beheerder kan voor mensen met een beperking een uitzondering toestaan.
  3. Fietsen op de begraafplaats is slechts toegestaan indien dit stapvoets geschiedt.
  4. Honden worden, mits aangelijnd, op de begraafplaats toegelaten.
  5. Bezoekers dienen luidruchtigheid te vermijden. Voor het houden van dodenherdenkingen of de plechtige onthulling van een grafteken, moet tevoren schriftelijke toestemming zijn verkregen van het bestuur. De beheerder is krachtens de bevoegdheid van artikel 3 sub b., vijfde lid van dit reglement gerechtigd bezoekers aanwijzingen te geven, waaraan dezen zich dienen te houden.
  6. De beheerder is bevoegd bezoekers die zich niet aan het reglement of aan de door de beheerder gegeven aanwijzingen houden, de toegang tot de begraafplaats te ontzeggen, zowel eenmalig als voor een bepaalde periode. De beheerder zal van een dergelijk toegangsverbod, als dit voor een bepaalde periode wordt gegeven, schriftelijk bericht aan de desbetreffende bezoeker geven dan wel (indien zijn adres bij de beheerder onbekend is) de bezoeker persoonlijk een dergelijk verbod meedelen.
  7. Het bestuur behoudt zich het recht voor de begraafplaats ten behoeve van begravingen, bijzettingen of plaatsing van asbussen in een urnenplaats in columbaria en urnenzuilen (tijdelijk) te sluiten voor bezoekers, in het geval van bijzondere omstandigheden.
artikel 9 - Onderhoud begraafplaats
Het bestuur draagt zorg voor het onderhoud van de begraafplaats met uitzondering van de ingehuurde graven. Voor het onderhoud van de begraafplaats, niet-zijnde het onderhoud van de graven, wordt periodiek door het bestuur een onderhoudsplan vastgesteld.
artikel 10 - Vrije grafkeuze
Op daartoe door het bestuur aangewezen akkers bestaat de mogelijkheid van vrije grafkeuze. Zowel bij vrije grafkeuze ten behoeve van een begraving als ten behoeve van een reservering wordt een bedrag in rekening gebracht wegens kosten van aanwijzing. Indien het gaat om reservering van een graf of verlenging van een reservering, worden tevens reserveringskosten in rekening gebracht.
artikel 11 - Grafreservering op akker met aansluitende begravingen
Reservering van een graf in een vak, waarvoor door het bestuur is vastgesteld dat aldaar slechts aansluitend wordt begraven, houdt in, dat in dat vak een graf voor de rechthebbende zal worden vrijgehouden, zodat sprake is van een specifieke reservering in een vak met aansluitende begravingen.
artikel 12 - Reserveringtermijn
Een reservering geldt naar keuze van de rechthebbende voor een termijn van 5, 10, 20, 30 of 40 jaar.
artikel 13 - Reserveringsbedrag
Bij reserveren wordt (naast de kosten van aanwijzing en de reserveringskosten) een bedrag in rekening gebracht, gelijk aan het tarief voor een grafrecht van 5, 10 of 20, 30 of 40 jaar voor het desbetreffende graf. Het in rekening gebrachte tarief voor grafrecht en algemene onderhoudsbijdrage (dat is zonder de kosten van aanwijzing en zonder de reserveringskosten) zal worden verrekend met het verschuldigde tarief van een 1e grafrecht op het moment van uitgifte. Indien en voor zover het te verrekenen bedrag het verschuldigde tarief ten tijde van uitgifte van een 1e grafrecht overstijgt, vindt geen restitutie plaats van dit meerdere.
artikel 14 - Verlenging grafreservering
Indien na verloop van de termijn van reservering nog geen 1e grafrecht is uitgegeven kan een verlenging van de reservering plaatsvinden. Hierbij wordt een bedrag in rekening gebracht, gelijk aan het op dat moment geldende tarief voor een grafrecht van 5, 10 of 20 jaar voor het desbetreffende graf. Daarnaast zal opnieuw een bedrag in rekening worden gebracht gelijk aan het op dat moment geldende tarief voor reserveringskosten. In het geval de rechthebbende geen verlenging wenst of indien het bedrag wegens verlenging en reserveringskosten niet wordt betaald ondanks aanmaning, komt de reservering te vervallen. De rechthebbende heeft geen recht op restitutie van de door hem betaalde bedragen.
artikel 15 - Annulering grafreservering
Het in de laatste volzin van artikel 14 bepaalde is evenzeer van kracht índien een rechthebbende gedurende de periode van reservering zijn reservering annuleert.
artikel 16 - Gebruik gereserveerde graflocatie
Het plaatsen van graftekens of grafbeplanting op een gereserveerde locatie is niet toegestaan.
artikel 17 - Uitgeven van een graf

Er zijn op de begraafplaatsen twee typen graven:

  1. "particuliere graven" (voorheen ook genoemd "eigen graven"): graven waarop een uitsluitend recht ex artikel 23, tweede lid en artikel 28, eerste lid, Wet op de lijkbezorging (hierna ook te noemen: WIb) is verleend;
  2. alle andere graven, genoemd "algemene graven", zoals bedoeld in artikel 23, tweede lid Wlb.(particulier graf). Op de begraafplaats Orthen worden geen algemene graven uitgegeven.
  3. De graven worden in de door de beheerder te bepalen volgorde, die door het bestuur is vastgesteld, uitgegeven.
  4. Een graf wordt bij eerste uitgifte uitgegeven voor een periode van minimaal 20 jaar
  5. Een rechthebbende kan de onder d genoemde termijn direct bij uitgifte of daarna aansluitend aan de 20 jaren termijn verlengen met een periode van 5, 10 of 20 jaar. Verlenging van een uitsluitend recht heeft plaats op de wijze zoals hierna aangegeven in artikel 22 van dit reglement
  6. Aan de rechthebbende wordt overeenkomstig het bepaalde in artikel 28, eerste lid Wlb een grafakte verstrekt met een afschrift van het onderhavige reglement, en de hierna in artikel 22 sub a van het reglement, genoemde Voorschriften. Het uitsluitend recht op een graf is geen registergoed.
  7. Adreswijzigingen van rechthebbenden dienen aan het bestuur terstond te worden gemeld.
  8. De rechthebbende op een graf bepaalt wie daarin, gedurende de looptijd van het recht, begraven wordt, met dien verstande dat voldaan dient te worden aan de Wlb. De rechthebbende is voorts degene die overeenkomstig artikel 62, derde lid Wlb toestemming moet geven voor bijzetting van een asbus in het particuliere graf waarvan hij de rechthebbende is.
  9. Het is mogelijk een graflocatie uit te kiezen of een reservering te doen. In dat geval worden hiervoor extra kosten in rekening gebracht conform de in artikel 6 van dit reglement genoemde tarievenlijst.
artikel 18 - Onderscheid in graven

Graven worden onderscheiden in: familiegraf, enkel graf, dubbel graf, urnengraf, grafkelder en kindergraf.

  1. Een familiegraf is bestemd voor het begraven van twee lijken met eventueel maximaal 2 asbussen, of vier lijken, in het laatste geval met eventueel maximaal vier asbussen. Alleen de als rechthebbende ingeschreven persoon kan de personen aanwijzen, die na overlijden in een familiegraf mogen worden begraven, dan wel wiens asbus mogen worden bijgezet.
  2. In een enkel graf mag geen bijzetting plaatsvinden, behoudens bijzetting van maximaal 2 asbussen. Alleen de als rechthebbende ingeschreven persoon kan degene(n) aanwijzen, die na een overlijden in een enkel graf mag worden begraven dan wel wiens asbus mogen worden bijgezet.
  3. Een dubbel graf is bestemd voor het begraven van twee lijken met eventueel maximaal 2 asbussen. Alleen de als rechthebbende ingeschreven persoon kan degene(n) aanwijzen, die na een overlijden in een dubbelgraf mogen worden begraven dan wel wiens asbus mogen worden bijgezet. ln een dubbel graf mogen twee lijken boven elkaar (niet naast elkaar) begraven worden.
  4. Waar in de leden b, c en d van dit artikel gesproken wordt van begraving van een lijk kan dat vervangen worden door het plaatsen van 2 asbussen.
  5. Een urnengraf is bestemd voor het begraven van twee asbussen, ter bepaling van de rechthebbende.
  6. ln een kindergraf mag het lijk begraven worden of een asbus worden geplaatst van een kind dat niet ouder was dan 12 jaar dan wel een asbus van een persoon die ouder was dan 12 jaar waarvan het bestuur op uitdrukkelijk verzoek schriftelijk begraving in een kindergraf heeft goedgekeurd. In een kindergraf mogen ten hoogste 2 asbussen, onder de hiervoor beschreven voorwaarde, geplaatst worden.
  7. Grafkelders worden uitsluitend toegelaten op de akkers, als zodanig aangegeven door het bestuur (ex art. 3, sub b).
  8. Het bestuur verleent rechten op het tijdelijk gebruik respectievelijk het medegebruik van:
  9. een familiegraf in een vak waarop toegelaten worden graftekens overeenkomstig het bepaalde in art. 3 sub a. van de in artikel 21 sub a. genoemde "Voorschriften voor het toelaten van graftekens en grafbeplanting", hierna ook te noemen de Voorschriften;
  10. een enkel of dubbel graf in een vak waarop toegelaten worden graftekens overeenkomstig het bepaalde in art. 3 sub b. van de Voorschriften;
  11. een enkel graf, een dubbel graf of een grafkelder in een vak waarop toegelaten worden graftekens overeenkomstig het bepaalde in art. 3 sub c. van de Voorschriften;
  12. een kindergraf in een vak waarop toegelaten worden graftekens overeenkomstig het bepaalde in art. 3 sub d. van de Voorschriften;
  13. een enkel of dubbel graf in een vak waarop toegelaten worden graftekens overeenkomstig het bepaalde in art. 3 sub e. van de Voorschriften;
  14. een urnengraf op het urnenveld waarop toegelaten worden graftekens overeenkomstig het bepaalde in art. 3 sub g. van de Voorschriften.
artikel 19 - De begraving
Een begraving geschiedt op een dag en uur, in overleg en na akkoord van de beheerder.
artikel 20 - Bescheiden voor een begraving

De voor een begraving in het algemeen (uitzonderingen daargelaten) noodzakelijke bescheiden, te weten:

  1. het verlof tot begraven
  2. het document met registratienummer inclusief nummervermelding op de kist,
  3. de door rechthebbende ondertekende aanvraag van de begraving

moeten vóór aanvang van de begraving aan de beheerder worden overgelegd. Als hieraan niet wordt voldaan zal de beheerder de begraving niet laten plaatsvinden.

artikel 21 - Graftekens en -beplanting
  1. Het bestuur kan uitsluitend aan rechthebbenden schriftelijke toestemming verlenen om graftekens en/of -beplantingen op particuliere graven te doen aanbrengen. Indien niet uitdrukkelijk en schriftelijk bij de aanvraag voor de hiervoor bedoelde vergunning is aangegeven dat een ander dan de rechthebbend eigenaar van de aan te brengen graftekens en/of -beplantingen is, wordt de rechthebbende als eigenaar beschouwd. Dit geldt evenzeer voor graftekens en/of grafbeplantingen op graven die reeds aangebracht zijn vóór de inwerkingtreding van de onderhavige versie van het reglement. Indien een ander als eigenaar heeft te gelden, wordt vergunning slechts verleend als ook deze ander uitdrukkelijk en schriftelijk verklaart zich aan de reglementen en voorschriften te zullen houden. De graftekens en/of -beplantingen moeten voldoen aan de "Voorschriften voor het toelaten van graftekens en grafbeplantingen" behorende tot dit reglement en door het bestuur vastgesteld of later vast te stellen. Deze voorschriften worden op verzoek aan iedere betrokkene door de beheerder verstrekt. Voor het plaatsen van een grafteken op een eigen graf en voor het plaatsen van een grafkelder is een vergoeding verschuldigd volgens een tarief door het bestuur vastgesteld Graftekens en/of -beplantingen, die naar het oordeel van het bestuur niet in overeenstemming zijn met deze voorschriften, worden door het bestuur geweigerd en kunnen na aangebracht te zijn, door de beheerder op kosten van de rechthebbende c.q. belanghebbende worden verwijderd.
  2. Het bestuur aanvaardt de graftekens en/of -beplantingen niet in beheer. De rechthebbende c.q. de belanghebbende is verantwoordelijk voor het goede onderhoud van de graftekens en/of -beplantingen op het betreffende graf, ook in geval die tekens rijksmonument of gemeentelijk monument zijn. Het bestuur is niet verantwoordelijk voor de voorwerpen, die zich op de graven bevinden. Schade aan de voorwerpen hoe dan ook veroorzaakt, alsmede vermissingen, worden niet door het bestuur vergoed en het bestuur sluit aansprakelijkheid voor die voorwerpen uit. Voor schade aan graven, graftekens en/of -beplantingen toegebracht door graftekens en/of -beplantingen van andere graven, is het bestuur evenmin aansprakelijk.
  3. In geval van kennelijke verwaarlozing van het onderhoud van een graf waarop een uitsluitend recht berust, en dit onderhoud ingevolge artikel 9 van dit reglement niet bij de beheerder van de begraafplaats berust, kan deze verwaarlozing worden geconstateerd middels een schriftelijke verklaring van de beheerder van de begraafplaats, die hij toezendt aan de rechthebbende wiens adres bekend is. Blijkt het adres onbekend, dan vindt openbare kennisgeving plaats door gebruik te maken van de beschikbare media daartoe. Een mededeling daarvan wordt bij het graf aangebracht. De wettelijke regeling van artikel 28 en 84a Wlb is geheel van toepassing.
  4. Opdracht tot het plaatsen van een grafteken, tot het verwijderen van een grafteken in verband met een bijzetting, en tot het herplaatsen daarvan na een bijzetting, moet worden gegeven door de rechthebbende. Het bestuur heeft het recht graftekens en/of -beplanting tijdelijk weg te nemen of op het graf tijdelijk zand te laten deponeren, indien dit naar het oordeel van de beheerder nodig is. Verwelkte bloemen en -naar het oordeel van het bestuur- ontsierende voorwerpen kunnen door de beheerder zonder voorafgaande waarschuwing van de graven worden verwijderd..
  5. Binnen drie maanden na het eindigen van het uitsluitend grafrecht moeten grafteken en/of -beplanting door de rechthebbende van het graf zijn verwijderd. Na verloop van die drie maanden wordt de rechthebbende geacht afstand te hebben gedaan van zijn eigendomsrechten op grafteken en/of -beplanting en is het bestuur gerechtigd grafteken en/of -beplanting te doen verwijderen en te doen vernietigen. Overeenkomstig artikel 32 a Wlb gaat de eigendom van graftekens en/of -beplantingen door natrekking over naar de eigenaar van de grond vanaf het moment dat het desbetreffende graf geruimd mag worden.
artikel 22 - Verlenging van het uitsluitend recht op een graf en bijzetting
  1. Het voor bepaalde tijd verleende, uitsluitend recht op een graf wordt op schriftelijk verzoek van de rechthebbende, mits gedaan binnen twee jaren vóór het verstrijken van de termijn, verlengd met een termijn van telkens 10 jaar, dan wel, indien de rechthebbende daarvoor uitdrukkelijk kiest een termijn van 5 of 20 jaar. Binnen een jaar na aanvang van de termijn waarin verlenging van het recht kan worden verzocht, doet de beheerder van de begraafplaats aan de rechthebbende wiens adres hem bekend is, schriftelijk mededeling van het verstrijken van de termijn. Verlenging van het grafrecht kan alleen plaatsvinden indien ter beoordeling door het bestuur het grafmonument in ordentelijke staat van onderhoud verkeert.
  2. Wanneer in een graf, bestemd tot het begraven van meerdere lijken, dan wel een urnengraf een bijzetting plaats heeft binnen 10 jaren na het verlenen van het grafrecht, wordt de suppletie, zoals genoemd in de tarievenlijst, niet in rekening gebracht.
  3. Wanneer in een graf, bestemd tot het begraven van meerdere lijken, een bijzetting plaats heeft meer dan 10 jaren na het verlenen van het grafrecht, wordt dit grafrecht met zoveel jaren verlengd dat de wettelijk voorgeschreven grafrusttermijn van 10 jaren voor de laatst begraven persoon in acht wordt genomen.
  4. Wanneer in een urnengraf een bijzetting plaats heeft meer dan 10 jaren na het verlenen van het grafrecht, wordt dit grafrecht met zoveel jaren verlengd dat een termijn van 10 jaren voor de laatst bijgezette asbus in acht wordt genomen.
  5. Op verzoek van de rechthebbende kunnen de in lid c en d genoemde termijnen ook worden verlengd met 5 jaar (tenzij daarmee de hiervoor bedoelde grafrust termijn niet in acht genomen zou worden), 10 jaar of 20 jaar.
  6. De verlengingen in dit artikel bedoeld, brengen kosten met zich mee overeenkomstig het door het bestuur krachtens artikel 6 van dit reglement vastgestelde tarief.
artikel 23 - Overdragen van grafrechten
Een rechthebbende kan het grafrecht aan een ander overdragen, mits de overdracht schriftelijk geschiedt en een afschrift van deze overdracht met vermelding van het adres van de rechtsopvolger door de rechthebbende aan het bestuur wordt toegezonden. Op de rechtsopvolger is het bepaalde in artikel 17 sub e respectievelijk artikel 17sub d van dit reglement van overeenkomstige toepassing. De rechtsopvolger is aan dit reglement gebonden en wordt overeenkomstig het in artikel 22 sub a. als eigenaar beschouwd van de graftekens en/of grafbeplanting die zich op het graf bevindt.
artikel 24 - Opvolging rechthebbende
Na het overlijden van de (natuurlijke) persoon die optreedt als rechthebbende, dan wel na het ophouden te bestaan van de rechtspersoon die als zodanig fungeert, moeten de rechtverkrijgenden één persoon aanwijzen die als rechthebbende zal optreden. Deze persoon moet met vermelding van zíjn adres aan het bestuur schriftelijk bekend worden gemaakt binnen een jaar na bedoeld overlijden/ophouden te bestaan. Deze persoon is aan dit reglement gebonden en wordt, overeenkomstig het hiervoor in artikel 21 sub a. van dit reglement bepaalde, als eigenaar beschouwd van de graftekens en/of -grafbeplanting die zich op het graf bevindt.
artikel 25 - Einde van het uitsluitend recht op een graf
  1. In geval van niet-verlenging c.q. niet tijdige verlenging eindigt het uitsluitend recht op een graf door afloop van de gestelde termijn.
  2. In geval verlenging van een grafrecht is overeengekomen, doch de betaling voor die verlenging niet binnen een jaar na aanvang van de verlenging, overeenkomstig artikel 6 van dit  reglement, is geschied, komt het grafrecht te vervallen.
  3. Indien onherroepelijk is besloten tot sluiting dan wel gesloten verklaring van (een gedeelte van) de begraafplaats, vervalt het grafrecht voor zover dit inhoudt het recht op bijzetting.
artikel 26 - Ruimen van graven
Het bestuur heeft het recht de graven, waarvan de rechten vervallen zijn, te doen ruimen, met inachtneming van de wettelijke regels en de wettelijke termijn van grafrust.
artikel 27 - Uitgeven van urnenplaatsen in columbaria, urnenzuilen en urnengraven
  1. Urnenplaatsen in columbaria, in urnenzuilen en in urnengraven worden in een door de beheerder te bepalen volgorde, die door het bestuur is vastgesteld, uitgegeven. Het is mogelijk een bepaalde plaats te reserveren,  onder voldoening van het verschuldigde bedrag voor het recht tot gebruik van die plaats voor de overeengekomen periode.
  2. Het bestuur kan aan één persoon, ter beoordeling van het bestuur, schriftelijk een uitsluitend recht tot gebruik van een urnenplaats verlenen voor een periode van 5 jaren of een veelvoud daarvan tot een maximum van 20 jaren. De persoon aan wie het recht tot gebruik is verleend, wordt hierna genoemd: rechthebbende. Aan de rechthebbende wordt een urnenakte verstrekt met een afschrift van het onderhavige reglement en de hiervoor in artikel 21 sub a. genoemde Voorschriften. Alleen de rechthebbende bepaalt wiens urn in de urnenplaats geplaatst mag worden.
  3. Als rechthebbende voor het uitgeven van een urnenplaats kan optreden:

-              een meerderjarig natuurlijk persoon of
-              een rechtspersoon;
beide dienen met vermelding van het adres aan het bestuur kenbaar te zijn gemaakt.

  1. Adreswijzigingen van de rechthebbende dienen terstond aan het bestuur te worden gemeld.
artikel 28 - Verlenging van het recht van gebruik van een urnenplaats in columbaria, urnenzuilen, en urnengraven
  1. Het recht tot gebruik wordt op schriftelijk verzoek van de rechthebbende, mits gedaan binnen 1 jaar voor het verstrijken van de termijn van het recht, verlengd voor een termijn van 5 jaren of een veelvoud daarvan tot een maximum van 20 jaren. De beheerder van de begraafplaats deelt binnen 1 jaar voor het verstrijken van de termijn van het recht aan de rechthebbende schriftelijk mee dat de termijn verstrijkt en op welke wijze en onder welke condities tot verlenging van het recht kan worden gekomen. De verlenging in dit artikellid bedoeld, brengt kosten met zich mee overeenkomstig het door het Bestuur krachtens artikel 6 van dit reglement vastgestelde tarief.
  2. Voor zover een urnenplaats bestemd kan worden voor het plaatsen van twee asbussen, worden in geval van bijzetting van een asbus kosten in rekening gebracht overeenkomstig het door het Bestuur krachtens artikel 6 van dit reglement vastgestelde tarief.
Artikel 30 - Opvolging van rechthebbende van het recht van een urnenplaats in columbaria , urnenzuilen en urnengraven
Na het overlijden van een rechthebbend natuurlijk persoon, dan wel na het ophouden te bestaan van een rechthebbende rechtspersoon, moeten de rechtverkrijgenden één persoon aanwijzen die als rechthebbende zal optreden. Deze persoon moet met vermelding van adres aan het bestuur schriftelijk bekend worden gemaakt binnen een jaar na bedoeld overlijden c.q. ophouden te bestaan. Deze persoon is aan dit reglement gebonden.
Artikel 31 - Einde van het recht tot gebruik van een urnenplaats in columbaria, urnenzuilen en urnengraven
  1. Het recht tot gebruik van een urnenplaats vervalt:
  2. na afloop van de termijn;
  3. indien niet binnen 3 maanden na ingang van de termijn zoals genoemd in art. 27 sub b respectievelijk art. 28 sub a van dit reglement de verschuldigde vergoeding is voldaan;
  4. indien een rechthebbende, na een herhaalde schriftelijke mededeling van het bestuur, blijft handelen in strijd met de voorschriften als bedoeld in artikel 34 sub a. van dit reglement.
  5. Van het vervallen van het recht tot gebruik als bedoeld in het voorgaande lid sub a. onder 2. en 3. wordt een rechthebbende schriftelijk in kennis gesteld door het bestuur onder mededeling van de datum van ingang van het vervallen van het recht. Daarbij wordt voorts aan de rechthebbende verzocht de asbus(sen) binnen een termijn van 3 maanden na de datum van het vervallen van het recht in overleg met de beheerder van de begraafplaats te laten verwijderen. Indien hieraan geen gehoor wordt gegeven zal de verwijdering van de asbus(sen) door de beheerder geschieden en worden de kosten in rekening gebracht volgens geldend tarief. De beheerder zal zorgdragen voor verstrooiing  van de as op het aanwezig strooiveld van de begraafplaats.
Artikel 32 - Bescheiden voor het plaatsing van een asbus
Voor plaatsing van een asbus dient een crematieverklaring, met daarop het registratienummer en gegevens van de overledene, te worden overgelegd.
Artikel 33 - Plaatsing van een asbus
Een plaatsing van een asbus geschiedt op een dag en uur met de beheerder overeen te komen. Plaatsingen van asbussen zijn niet toegestaan op zon- en feestdagen.
Artikel 34 - Toegestane voorwerpen en overig gebruik van urnenplaatsen in columbaria
  1. Het bestuur kan toestemming verlenen tot het plaatsen van voorwerpen in, op of bij een urnenplaats. De plaatsing is kosteloos. Deze voorwerpen dienen te voldoen aan de “Voorschriften voor het gebruik van urnenplaatsen in columbaria", behorende bij dit reglement en door het bestuur vastgesteld of later vast te stellen. Deze voorschriften worden op verzoek aan iedere betrokkene door de beheerder verstrekt. Voorwerpen in strijd met de voorschriften geplaatst dienen op schriftelijke aanzegging van het bestuur te worden verwijderd. Bij nalatigheid tot verwijdering van voorwerpen worden deze op kosten van de rechthebbende door de beheerder verwijderd. Verwijderde voorwerpen worden door de beheerder gedurende een redelijke termijn bewaard en zijn tegen voldoening van de kosten van verwijdering en bewaring door belanghebbende terug te bekomen. Na verloop van de in de vorige volzin bedoelde redelijke termijn is het bestuur gerechtigd de voorwerpen te vernietigen zonder dat de belanghebbende aanspraak heeft op enige vergoeding.
  2. De toegestane voorwerpen zijn eigendom van de rechthebbende. Het bestuur aanvaardt deze voorwerpen niet in beheer. De rechthebbende is verantwoordelijk voor het goede onderhoud van de voorwerpen in, op of bij de betreffende urnenplaats. Het bestuur is niet verantwoordelijk voor de voorwerpen, die zich in, op of bij de urnenplaats bevinden. Schade aan die voorwerpen hoe dan ook veroorzaakt, alsmede vermissingen, worden niet door het bestuur vergoed en het bestuur sluit aansprakelijkheid voor die voorwerpen uit. Voor schade aan graven, graftekens of urnenplaatsen toegebracht door voorwerpen in, op of bij urnenplaatsen, is het bestuur evenmin aansprakelijk.
  3. Na het vervallen van het recht van gebruik van een urnenplaats conform artikel 31  van dit reglement dienen de toegestane voorwerpen tegelijk met de asbus(sen) te worden verwijderd. Artikel 31 lid b is daarbij van overeenkomstige toepassing.
Artikel 35 - As verstrooiing op de begraafplaats Orthen

Op de begraafplaats Orthen bestaat de mogelijkheid om de as van een overledene te verstrooien. De rechthebbende van de as dient er voor zorg te dragen dat de as beschikbaar is op een in overleg met de beheerder te bepalen tijdstip voor verstrooiing. Voor verstrooiing dienen de volgende regels in acht te worden genomen:

    1. De as dient te worden verstrooid op het daartoe door het bestuur aangewezen grasveld of in de bossage aan weerszijden van het houten vlonderpad, dat een verbinding vormt tussen het strooiveld en de Heesterlaan.
    2. Verstrooiing van de as, in aanwezigheid van de belanghebbenden/nabestaanden, kan geschieden door een van de medewerkers van de begraafplaats, maar mag in overleg met de beheerder evenzo door de familie worden uitgevoerd.
    3. De as kan ook worden verstrooid zonder dat de nabestaanden hierbij aanwezig zijn. De rechthebbende, indien bekend, dienen hiertoe toestemming te geven. Indien rechthebbenden niet bekend zijn, kan dit geschieden door de beheerder
    4. Op de cortenstalen herdenkingszuil is het mogelijk om ter nagedachtenis van de overledene een naamplaatje tegen betaling aan te laten brengen.
    5. Op de aanwezige stenen tafels op het strooiveld bestaat de mogelijkheid om bloemen te plaatsen.
    6. Het plaatsen van persoonlijke gedenktekens of andere voorwerpen zijn op deze tafels of elders op het strooiveld niet toegestaan en zullen zonder voorafgaande kennisgeving worden verwijderd.
    7. Voor as verstrooiing dient een vergoeding te worden betaald, welke door het bestuur jaarlijks wordt vastgesteld.
Artikel 36 - Bezwaar
  1. Voor een rechthebbende bestaat de mogelijkheid om schriftelijk bezwaar te maken tegen een besluit van het bestuur, waarbij het belang van de rechthebbende rechtstreeks is betrokken.
  2. Het maken van bezwaar geschiedt door het indienen van een bezwaarschrift bij het bestuur.
  3. Het bezwaarschrift wordt ondertekend en bevat ten minste de naam en het adres van de indiener, de dagtekening, een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht, alsmede de gronden van het bezwaar.
  4. De termijn voor het indienen van een bezwaarschrift bedraagt 6 weken, aanvangende met ingang van de dag na die waarop het besluit aan de rechthebbende bekend is gemaakt.
  5. Het bestuur beslist zo spoedig mogelijk, zo nodig na de indiener te hebben gehoord of door een delegatie van het bestuur te hebben doen horen.
Artikel 37 - Aansprakelijkheid en onvoorzien
  1. De stichting is niet aansprakelijk voor schade, door bezoekers, rechthebbenden,  of andere derden geleden, door welke oorzaak deze schade ook ontstaan mag zijn. Evenmin is de stichting aansprakelijk voor schade veroorzaakt door bezoekers of al dan niet in opdracht van de stichting op de begraafplaats werkzame of aanwezige derden. Deze uitsluiting van aansprakelijkheid geldt niet indien de schade gevolg is van opzettelijk of hoogst roekeloos dan wel hoogst onvoorzichtig handelen of nalaten van het bestuur of de werknemers van de stichting.

Schade aan graftekens ontstaan door storm en vandalisme wordt door het bestuur uitsluitend vergoed voor zover deze risico's door een verzekeringsovereenkomst van het bestuur zijn gedekt.
Schade veroorzaakt door op de begraafplaats uitgevoerde werkzaamheden door personeel van de begraafplaats wordt door het bestuur uitsluitend vergoed tot het bedrag waarvoor deze risico's door de desbetreffende verzekeringsovereenkomst van het bestuur worden gedekt.

  1. In de gevallen waarin dit reglement niet voorziet, beslist het bestuur
Artikel 38 - Wijziging reglement
Het bestuur is bevoegd dit reglement te wijzigen.
Artikel 39 - Vervallen eerdere reglementen
Met het inwerking treden van dit reglement vervallen alle vorige reglementen van de begraafplaatsDit reglement is vastgesteld in de vergadering van het bestuur d.d. 29 juni 2022 met bepaling dat het reglement in werking treedt op 1 juli 2022.